31 aug. 2010

Verdriet of depressie?



Bijna iedereen voelt zich wel eens een aantal dagen neerslachtig en ongelukkig. Je hebt dan nergens zin in en ziet overal tegenop. Er komt niets uit je handen; een kop koffie zetten is al te veel moeite. Je wilt het liefst in bed blijven liggen, omdat je je ontzettend moe voelt. Daarbij vind je jezelf misschien ook nog een waardeloos persoon. En dan opeens, na een paar dagen, klaart de lucht op en ‘zie je het weer helemaal zitten’. De sombere bui blijkt overgedreven te zijn.





Wanneer is er sprake van een echte depressie?
Bij een echte depressie is de stemming abnormaal verlaagd. Er is dan sprake van een pathologische (= ziekelijke) daling van de stemming.
Bij een echte depressie zie je dat de stemming in de loop der tijd verder en verder daalt, tot aan een eventueel ernstig depressieve stemming. Hoe dieper de stemming gedaald is, des te ernstiger de depressie is. Die stemmingsdaling moet minimaal twee weken bestaan hebben voordat van een depressie gesproken mag worden. Het langer duren van de depressieve stemming is dus een belangrijke voorwaarde.
Een tweede belangrijk kenmerk is dat de depressieve stemming het functioneren op allerlei gebied negatief beïnvloedt. Wanneer ik hier spreek over een depressie bedoel ik dus de psychiatrische ziekte of stoornis en niet een sombere of depressieve bui. Overigens is behandeling van deze ziekte meestal goed mogelijk.

De diagnose
Het is belangrijk om een juiste diagnose te stellen. Alleen dan kan er een passende behandeling gestart worden of een passende oplossing worden gezocht. Vaak stelt de huisarts een diagnose of een voorlopige diagnose. Een huisarts kan daarbij soms een deskundige inschakelen (bijv. therapeut of psychiater) en deze kan beoordelen of deze diagnose wel klopt. Of iemand aan een depressie lijdt, is niet eenvoudig vast te stellen. Depressie kan samengaan met angstklachten of lichamelijke ziektebeelden.
Om de juiste diagnose te kunnen stellen zijn er psychologische tests ontwikkeld. Dat zijn standaardinterviews, waarmee bij psychiatrische problemen bepaald kan worden welke diagnose bij iemand gesteld moet worden.

De symptomen
Een depressie kan zich op erg veel verschillende manieren uiten. Deze uitingsvormen noem je verschijnselen of symptomen. Het aantal en de aard van deze symptomen kan van persoon tot persoon verschillen. Het is dan ook niet zo vreemd dat een depressie vaak kortere of langere tijd niet als zodanig wordt herkend.
Ondanks alle mogelijke verschillen onderscheiden we twee min of meer kenmerkende symptomen:
- de depressieve stemming; en
- het feit dat iemand nergens meer plezier aan kan beleven.
Die twee kenmerken moeten beide aanwezig zijn voordat er van een depressie gesproken mag worden. Hoe meer andere verschijnselen verder nog aanwezig zijn, hoe ernstiger de depressie. Aan de hand van de bijkomende klachten kan er ook een onderscheid gemaakt worden tussen de diverse typen depressies.

Depressieve stemming
Tijdens een depressie is er altijd sprake van een continu verlaagde stemming, waarbij matige tot ernstige bedroefdheid, pessimisme en gebrek aan zelfvertrouwen overheersen.

Geen plezier
Kenmerkend voor een depressie is, zoals gezegd, dat je nergens meer plezier aan kunt beleven. Je kunt niet meer genieten van een fikse strandwandeling of bijvoorbeeld van de natuur, als in de lente alles zo mooi uitloopt. Je ziet het wel, maar het gevoel dat erbij hoort is als het ware weg, of dood.

Interesseverlies
Mensen met een depressie hebben minder of zelfs helemaal geen belangstelling meer voor alledaagse dingen zoals werk en hobby’s, dingen die ze vroeger graag deden. Contact met vrienden en familie hoeft ook niet meer zo nodig. Ze hebben er gewoon geen zin meer in.

Slaapstoornissen
De meeste mensen met een depressie klagen over een ‘slechte’ slaap. Allereerst levert het inslapen problemen op: het kan uren duren, voordat ze in slaap vallen. En als ze dan uiteindelijk slapen, worden ze vaak al na een of twee uur weer wakker. Vervolgens slapen ze weer in om na een uur opnieuw wakker te worden.
Niet iedereen met een depressie heeft overigens last van slapeloosheid. Bij 10 tot 20 procent van de cliënten is er juist sprake van een overmatige slaapbehoefte.

Eetstoornissen
In de meeste gevallen is er bij een depressie sprake van een verminderde eetlust. Dat kan soms zo erg zijn dat je van het eten walgt. Soms speelt de droge mond, waar veel depressieve mensen last van hebben, hierbij een rol. Doordat er zo weinig gegeten wordt, kunnen de kilo’s er vanaf vliegen, zodat er een schrikbarende gewichtsdaling kan ontstaan. Het omgekeerde is echter ook mogelijk. Soms hebben depressieve cliënten juist een onbedwingbare behoefte om veel te eten. Dit gaat dan meestal in de vorm van vreetbuien. Vanzelfsprekend is een gewichtstoename het gevolg.

Dagschommeling
Depressieve mensen kunnen ‘s morgens meestal niet op gang komen, omdat ze zo verschrikkelijk opzien tegen elke nieuwe dag. Als ze toch eenmaal op gang gekomen zijn, kan het voorkomen dat ze zich in de loop van de dag wat beter gaan voelen. Maar het komt ook wel eens voor dat ze zich ‘s avonds slechter voelen dan ‘s morgens. Dit heet een omgekeerde dagschommeling. Tot slot zijn er echter ook mensen die in de loop van de dag geen verschil in stemming ervaren. Voor hen is de hele dag dan een grijze, grauwe massa

Traagheid of juist onrust
Bij veel depressieve mensen gaat het spreken, het denken en het bewegen traag en langzaam. Alle bewegingen verlopen in een traag tempo. Ze zitten vaak in een houding, bewegingloos, iets wat ze een tijdlang kunnen volhouden.
Alles verloopt traag, het denken van de persoon, maar ook zijn tijdsbeleving. Een minuut duurt voor een depressief persoon wel een uur, een uur duurt een dag en een dag duurt bijna een jaar.
Daartegenover staat de zogenoemde geagiteerde depressie, waarbij de depressieve persoon juist heel onrustig en ongedurig in zijn bewegingen is. Deze bewegingen zijn meestal doelloos: de persoon loopt heen en weer (ijsbeert) of trommelt op de stoelleuning, terwijl hij onrustig op zijn stoel heen en weer schuift. Hij is snel geïrriteerd en kan bovendien angstig zijn.

Gespannenheid
Depressieve mensen voelen zich vaak zeer gespannen. Dit gevoel kan zelfs zo overheersend zijn, dat de omgeving en eventueel ook de hulpverleners niet aan een depressie denken. De cliënt klaagt over hoofdpijn, in de vorm van een bandgevoel om het hoofd, of over hoofdpijn die vanuit de nek omhoog trekt.
De persoon kan ook last hebben van buikpijn of van een drukkend gevoel op de maag. De gespannenheid kan zichtbaar zijn, doordat de persoon over zijn hele lichaam beeft.

Angstklachten
Bij angstklachten is het soms onduidelijk waarvoor je nu precies bang bent. We noemen dit daarom een algemene angst. Een duidelijk omschreven angst kun je tegengaan door datgene waar je bang voor bent te vermijden. Een algemene angst kan variëren in sterkte. Als ze langere tijd aanhoudt, kan ze ondraaglijke vormen aannemen, wat je dan duidelijk af kunnen lezen aan de gelaatsuitdrukking: die is verbijsterd en radeloos.

Energieverlies
‘s Morgens bij het opstaan voelen ze zich al zo moe alsof ze er een hele dagtaak op hebben zitten. De neiging om te blijven zitten of maar weer naar bed te gaan is dan erg groot. Voor de omgeving is dit moeilijk te begrijpen en het veroorzaakt dan ook snel spanningen binnen de relatie of het gezin.

Verminderd zelfgevoel
Mensen die depressief zijn, hebben vaak een lage dunk van zichzelf. Ze hebben voortdurend het gevoel dat ze tekortschieten en falen, zowel in hun gezin als op hun werk. Ze denken erg min over zichzelf en gaan daar diep onder gebukt. Dit geldt ook voor hun uiterlijk. Ze vinden zichzelf onaantrekkelijk of zelfs afzichtelijk.

Schuldgevoelens
In het verlengde van een gering gevoel van eigenwaarde liggen schuldgevoelens. Deze kunnen ook zeer kwellend zijn. De persoon maakt zichzelf voortdurend verwijten over dingen die hij in het verleden gedaan heeft of juist nagelaten heeft. Bijna altijd gaan hier aan schaamtegevoelens mee gepaard.

Concentratieproblemen
Mensen met een depressie hebben heel veel moeite hun aandacht ergens bij te houden. Een boek lezen lukt haast niet meer, terwijl tv-uitzendingen eigenlijk ook langs hen heen gaan. In gezelschap lijken ze ook wat afwezig.

Stoornis in het denken
Het denken van depressieve mensen wordt vaak volledig in beslag genomen door hun problemen. Ze piekeren aan een stuk door, vaak over steeds maar hetzelfde. Hun gedachten, die meestal betrekking hebben op het niet kunnen begrijpen waarom zij zich zo ellendig voelen, blijven als het ware in cirkels ronddraaien.
Het denken wordt verder gekenmerkt door een vertraagd tempo. De gedachtegang kan soms zelfs stagneren en helemaal stil komen te liggen.

Besluiteloosheid
Het lukt een depressief persoon niet meer zo gemakkelijk om beslissingen te nemen. Hij gaat twijfelen aan de meest eenvoudige en elementaire dingen, die voorheen geen problemen opleverden.

Dwanggedachten
Een depressief persoon kan last hebben van gedachten die iedere keer als het ware aan hem opgedrongen worden. Zich hiertegen verzetten helpt onvoldoende, hij kan ze niet uit zijn hoofd bannen. We noemen dit dwanggedachten. De inhoud van deze gedachten heeft meestal te maken met de dood, ondergang of met seksualiteit

Denken aan de dood
Voor veel depressieve mensen hoeft het leven niet meer. Bij de een komt deze gedachte slechts zo nu en dan op, maar bij de ander is deze gedachte voortdurend aanwezig. Soms kan hij aan niets anders meer denken. De dood is namelijk de enige manier, zo denkt hij, om uit zijn lijden verlost te worden. Het leven ervaart hij als een kwelling. Men kan zelfs van het leven walgen. Vaak denkt iemand ook het niet langer meer te verdienen om te leven (straf). Een depressief iemand denkt dat hij de omgeving alleen maar tot last is: ‘Ik kan maar beter dood zijn, dan zijn jullie van mij af’.

Zelfdoding
In ons land overlijden er jaarlijks ongeveer 14 op de 100.000 mensen als gevolg van zelfdoding. Men gaat ervan uit dat het aantal pogingen tot zelfdoding ongeveer tien keer zo hoog is. Officieel is dit cijfer 120 op de 100.000. Waarschijnlijk is dit getal in werkelijkheid nog wat hoger, gezien het aantal niet geregistreerde pogingen.

Lichamelijke klachten
Mensen met een depressie hebben vaak tegelijk ook lichamelijke klachten. Daarbij zullen moeheidsklachten en hoofdpijnklachten veelal op de voorgrond staan, maar ook pijnklachten komen heel veel voor. De pijn kan letterlijk overal zitten, zonder dat er een verklaring voor gevonden wordt. We spreken hier dan ook van onbegrepen pijnklachten. Verder kunnen depressieve mensen last hebben van een droge mond, maagpijn, trage stoelgang, problemen met urineren en menstruatiestoornissen; een heel scala van uiteenlopende klachten.

Libidoverlies
Onder libidoverlies verstaan we de omstandigheid dat geen aandrang voelt of zin heeft om te vrijen. Bijna alle depressieve mensen hebben hier last van.

Hypochondrie
Mensen die aan een depressie lijden, kunnen overmatig bezorgd zijn over het functioneren van hun lichaam. Ze zijn voortdurend bezig met bijvoorbeeld de ontlasting. Als deze niet regelmatig komt, zijn ze bijvoorbeeld bang dat ze een darmziekte hebben. Bij elke steek rond het hart denken ze bijna direct binnenkort door een hartinfarct geveld te worden.
We noemen dit verschijnsel hypochondrie. Hij heeft de vaste overtuiging dat hij een lichamelijke ziekte heeft of die binnenkort krijgt.

Psychotische verschijnselen
De depressie is soms zo ernstig, dat naast een diep depressieve stemming ook zogenoemde psychotische verschijnselen aanwezig zijn. Dat zijn verschijnselen die aangeven dat de betrokkene het contact met de realiteit verloren heeft. Iemand kan bijvoorbeeld bepaalde waangedachten of wanen. De inhoud van deze gedachten is meestal negatief gekleurd en berust niet op feiten, maar de persoon is niet in staat om dat in te zien. Evenmin is hij van dat bepaalde idee af te brengen.






Oorzaken
Over het ontstaan van een depressie is nog niet zoveel bekend. Ook over de werking van antidepressiva en psychofarmaca is weinig bekend. We staan nog aan het begin van het precieze weten over het functioneren van de menselijke geest. Bij het ontstaan van depressie spelen aanleg, erfelijkheid (biologisch), het karakter (psychologisch) en de omgeving (sociaal) een rol. Dezelfde factoren als bij het ontstaan van lichamelijk ziekten.
Waarom krijgt de een onder bepaalde omstandigheden wel een depressie en de ander, onder min of meer dezelfde omstandigheden, niet?

Een of meerdere oorzaken
Onderzoekers zijn het er tegenwoordig over eens, dat voor een depressie niet een bepaalde oorzaak aan te wijzen is. In alle gevallen gaat het om een combinatie van een aantal ziekmakende factoren. We onderscheiden voor de duidelijkheid biologische en psychische en/of psychosociale factoren.

Erfelijke factoren
Een erfelijke aanleg is ontegenzeggelijk van belang bij het ontstaan van depressies. Deze conclusie kan worden getrokken na uitgebreide familiestudies, waarbij de ziektegeschiedenissen van de verschillende familieleden bestudeerd zijn. Wanneer iemand uit een familie komt waarin veel depressies voorkomen, heeft hij gemiddeld een grotere kans zelf ook depressief te worden. Wanneer beide ouders aan depressies lijden of hebben geleden is de kans hierop bijvoorbeeld tienmaal zo groot als normaal.

Oorzaken binnen in de hersenen
Al heel lang proberen allerlei onderzoekers achter de werking van het centraal zenuwstelsel te komen. Verschillende theorieen zijn in de loop van de tijd opgebouwd en vele daarvan zijn inmiddels alweer achterhaald. Tot nu toe is ondanks al het onderzoek nog maar een klein gedeelte van de werking van de hersenen opgehelderd.

Er bevinden zich in de hersenen verschillende soorten neurotransmitters, chemische boodschappers. De belangrijkste hiervan zijn: serotonine, noradrenaline, dopamine en acetylcholine. Naast deze vier zijn er inmiddels nog ten minste 30 andere ontdekt.
Het onderzoek naar de activiteit van neurotransmitters is aan het eind van de jaren '50 van de vorige eeuw op gang gekomen. Toen werd min of meer bij toeval ontdekt dat een bepaald middel tegen allergie (Imipramine) over antidepressieve eigenschappen beschikte. Dit lijkt toe te schrijven aan het vermogen van dat middel om de hoeveelheid neurotransmitter in de synaps te verhogen.
Bij mensen met depressies is ontdekt dat er in bepaalde delen van de hersenen een relatief tekort aan de neurotransmitters serotonine en/of noradrenaline bestaat. Ook is ontdekt, dat de concentratie van de afbraakproducten van beide stoffen in de hersenvloeistof verlaagd is. Men weet niet of deze tekorten aangeboren zijn of later pas zijn ontstaan.
De oudere antidepressiva remmen in meer of mindere mate zowel de heropname van serotonine als van noradrenaline. Hierdoor wordt de balans van noradrenaline en serotonine in de hersenen hersteld. Het werkingsmechanisme van deze middelen berust dus op een tweeledig principe; vandaar dat ze ook wel 'tweeledig werkzame antidepressiva' worden genoemd. Er zijn aanwijzingen dat ze op grond van dit werkingsmechanisme ook beter werken, vooral bij ernstige depressies.
Van de moderne middelen werkt mirtazapine (Remeron) ook via een tweeledig werkingsmechanisme.
Tot slot is er ook een groep antidepressiva die weer anders werkt: zij remmen de stof monoamineoxidase, die verantwoordelijk is voor de afbraak van neurotransmitters in de synapsspleet. Ook hier is het gevolg een toename van serotonine en noradrenaline.

Lichamelijke ziekten
Bij verschillende lichamelijke ziekten kunnen depressies voorkomen. Dit kan op twee manieren veroorzaakt worden.
In de eerste plaats kan een lichamelijke ziekte de werking van de hersenen beinvloeden. Lichamelijke aandoeningen die depressies kunnen veroorzaken zijn bijvoorbeeld ziekten van de schildklier en van de bijnierschors (ziekte van Cushing). Maar er zijn nog enkele tientallen andere ziekten die depressies kunnen veroorzaken.
Ten tweede kan de lichamelijke ziekte een psychologische (psychosociale) factor van betekenis zijn. Het lijden aan een ernstige lichamelijke ziekte kan erg zwaar zijn. Zo ontwikkelen veel clienten met kanker of met een ziekte die tot invaliditeit leidt, een depressie.

Depressies door medicijngebruik
Er zijn enkele tientallen medicijnen waarvan bekend is dat ze een depressie kunnen veroorzaken.

Depressies door gebruik van middelen
Het langdurig gebruik van alcohol kan aanleiding zijn tot het ontstaan van depressies. Drankgebruik kan er ook toe leiden dat een bestaande depressie wordt onderhouden, dus langer duurt.
Depressies kunnen ook veroorzaakt worden door het gebruik van drugs. Cocaine en amfetamine zijn de bekendste voorbeelden.

Andere biologische factoren
Depressieve klachten en depressies kunnen ontstaan in de dagen vlak vóór de menstruatie begint (premenstrueel syndroom) en na een bevalling (postpartum depressie). Hoewel psychologische factoren zeker een rol spelen, hebben ook hormonen invloed op de stemming.

Psychologische en/of psychosociale factoren
Depressieve mensen hebben in de periode voorafgaand aan het uitbreken van de depressie vaak een ‘life event’ doorgemaakt. Meestal gaat het om het overlijden van een dierbare of het verbreken van een relatie. Maar ook schijnbaar kleine gebeurtenissen kunnen aanleiding zijn voor een, soms zelfs ernstige, depressie. Waarschijnlijk is er dan sprake van de druppel die de emmer deed overlopen, en hebben zich daarvóór al ernstige gebeurtenissen afgespeeld, waartegen die persoon kennelijk nog net wel bestand was.
Ingrijpende of afschuwelijke gebeurtenissen zijn slechts bij een deel van de mensen aanleiding voor een depressie. Er moeten dus meer factoren zijn die een rol spelen. Dat kunnen bijvoorbeeld bepaalde nare jeugdervaringen of bepaalde persoonlijkheidseigenschappen zijn, of een manier van denken.
De ervaring heeft geleerd dat mensen met bepaalde karaktereigenschappen of persoonlijkheidskenmerken wat vaker een depressie krijgen dan anderen. Mensen die bijvoorbeeld onzeker zijn, last hebben van minderwaardigheidsgevoelens, een negatief zelfbeeld hebben of slecht tegen kritiek kunnen, lijken meer kans te hebben op een depressie. Mensen die heel plichtsgetrouw zijn en een streng geweten hebben, kunnen zich snel schuldig voelen over datgene wat ze gedaan of juist nagelaten hebben. En er zijn ook mensen die te hoge eisen aan zichzelf stellen en overdreven precies zijn. Hierdoor hebben ze regelmatig het gevoel dat ze falen, wat weer aanleiding is voor allerlei onzekerheid en minderwaardigheidsgevoelens.
Mensen die vinden dat ze snel afgewezen en niet begrepen worden ten slotte, voelen zich als het om kritiek gaat te snel persoonlijk aangesproken. Ze zijn overdreven aardig, voortdurend op zoek naar genegenheid en bevestiging en stellen zich te afhankelijk op.  Het is wetenschappelijk (nog) niet bewezen dat deze factoren daadwerkelijk als oorzaak van belang zijn.

Eenmalige depressie, terugkerend of chronisch
Een depressie kan in iemands leven gedurende een bepaalde periode optreden en vervolgens weer overgaan om nooit meer terug te keren. We spreken dan van een eenmalige depressieve episode. Maar het kan ook gebeuren dat iemand in zijn leven verscheidene depressieve perioden doormaakt. De depressie heeft dan een terugkerend (recidiverend) karakter. De specificatie chronisch wordt gebruikt als ten minste 2 jaar is voldaan aan de criteria van een depressieve stoornis

Misverstanden
Over depressie en mensen met depressie bestaan nog al wat misverstanden, die bovendien gauw omslaan in vooroordelen.

Hieronder enkele veel gehoorde uitspraken....
Misvatting 1: 'Depressie is voor zwakkelingen"

Je zou een depressie krijgen omdat je je laat gaan, omdat je een slap karakter hebt. Een beetje depri? Zet je schrap, raap je zelf samen en het gaat vanzelf over. Maar depressie krijgen is geen kwestie van het ontbreken van wilskracht. Het kan de beste overkomen. Het is als een infectie of een verstuiking. De een is misschien wat kwetsbaarder dan de ander, maar niemand is immuun.
=> Iedereen kan depressief worden, hoe sterk je ook bent.


Misvatting 2: 'Eens depressief, altijd depressief"

Men denkt soms wel eens dat aan een depressie niets te doen valt, het zit in je. De een is inderdaad wat minder levenslustig dan de ander. Maar depressie is geen kwestie van karakter of ingesteldheid. Het is een toestand waarin je lichaam belandt en die je ziek maakt. En die je steeds zieker maakt als je er niets aan doet. Gelukkig bestaan er methoden om er wat aan te doen.
=> Depressie is te verhelpen. Met de juiste inzichten en/of therapie kom je er wel uit.


Misvatting 3: 'Depressie is geen ziekte"

Sommigen beweren dat depressie slechts het gevolg is van de omstandigheden. Je bent niet depressief, de situatie maakt je depressief. De depressie zou de gezonde reactie zijn op een ongezonde (maatschappelijke) toestand. In deze opinie is depressie geen medisch probleem.
Dat is een gevaarlijk standpunt. Depressie kan goed behandeld worden, en het kan zelfs levensgevaarlijk zijn dat niet te doen.
=> Depressie is een ziekte. Depressie is gevaarlijk, en soms dodelijk. Er sterven meer jonge mensen door zelfdoding dan door het verkeer. 


Misvatting 4: 'Depressie is gewoon je eigen schuld"

De precieze oorzaak van depressie is niet gekend. Het is dus misplaatst en laakbaar om iemand zelf de schuld te geven voor zijn of haar depressie. Alsof ze bij de pakken blijven zitten, zich teveel laten gaan of zich niet genoeg verzetten. In werkelijkheid hoor je steeds weer van mensen met een depressie dat ze het niet zagen aankomen, dat ze niet weten wat de depressie veroorzaakt, dat ze er onverwacht door overweldigd werden.
=> Je kiest niet voor een depressie. Het is niet je eigen schuld. Een depressie overkomt je. Het overvalt je.


Misvatting 5: 'Een beetje depressief? Gaat vanzelf wel over!"

Iedereen is wel eens een beetje neerslachtig. Elk verdriet gaat wel weer over, je moet gewoon wat geduld hebben. Dat wordt zo gezegd, maar droefenis is geen depressie. Een depressie waar niets aan gedaan wordt, kan op lange termijn leiden tot steeds grotere problemen. Een onbehandelde depressie dreigt van kwaad naar erger te gaan. Zoek hulp, dat is geen schande maar een noodzaak.
=> Depressie overwin je niet zomaar. Met professionele hulp, inzicht en steun raak je er sneller uit.

Denk je zelf aan een depressie te leiden en voel je je somber? Blijf er niet alleen mee lopen! Ga met iemand praten, vraag hulp aan je huisarts. Je hebt waarschijnlijk hulp nodig, maar dan is er een uitweg! Je kan je depressie overwinnen!

Bron tekst: www.depressie.org
Bron foto's: google image search



2 opmerkingen:

  1. Leuk dat je over dit onderwerp schrijft. Ik heb zelf een tijdje geleden een depressie gehad, gelukkig is dat nu zo goed als voorbij. Bedankt om het te publiceren zodat men er wat meer over weet.

    BeantwoordenVerwijderen